Kritische blik op taalbeleid in hoger onderwijs

 

 

CODE-medewerkers Elke Peters en Tine Van Houtven organiseerden op 25 mei 2010 een studiedag rond het thema ‘Taalbeleid in het hoger onderwijs: de hype voorbij?’. Niet minder dan 180 deelnemers uit Vlaanderen en Nederland woonden de studiedag bij.

 

Uit de plenaire lezingen in de voormiddag bleek duidelijk dat taal veel meer is dan een hype. Taalbeleid is een cruciaal onderdeel van het onderwijsbeleid van een hogeschool of universiteit. De studiedag ‘Taalbeleid in het hoger onderwijs: de hype voorbij?’ belichtte verschillende aspecten van taalbeleid. Zo bracht Elke Peters met haar lezing ‘Is meten echt meer weten?’ verslag uit van een studie over de taalvaardigheid van 800 instromende studenten hoger onderwijs.

 

Individuele taalverschillen

"De resultaten tonen aan dat er inderdaad studenten zijn die op gebied van taal minder goed voorbereid aan de start komen. Studenten die A.S.O. volgden, doen het gemiddeld beter dan studenten die uit het T.S.O. komen. Die laatsten presteren op hun beurt weer beter dan studenten die B.S.O. volgden", aldus Elke Peters. "Dit bleek het geval te zijn voor alle afgenomen toetsen. Zowel voor spelling, woordenschat, tekstbegrip als voor samenvatten."

 

In tegenstelling tot de gevolgde onderwijsvorm verklaarde thuistaal niet op alle toetsen de verschillen tussen de studenten. Uit de resultaten bleek wel duidelijk dat er grote individuele verschillen zijn tussen de studenten. En dit onafhankelijk van de onderwijsvorm die ze in het secundair onderwijs volgden en onafhankelijk van de thuistaalsituatie. Elke Peters beklemtoonde ook dat het geen zwart-witverhaal is. Het algemene beeld dat alle studenten op taalgebied zwak zouden zijn, moet toch bijgesteld worden.

 

Mythes ontkracht

In zijn lezing ‘Taalbeleid in het hoger onderwijs: een must of een luxe?’ ontkrachtte Kris Van den Branden, directeur van het Centrum voor Taal en Onderwijs van de K.U.Leuven, een aantal mythes over taalbeleid. Taalbeleid is niet enkel nodig in taalgerichte opleidingen. Taalbeleid moet niet enkel focussen op het toetsen en remediëren van anderstalige studenten die taalvaardig zwak zijn. Taalbeleid gaat niet alleen over taalcorrectheid en taalbeleid is niet alleen een kwestie van beleid. Taal is het belangrijkste medium in alle opleidingen, ook in niet-taalgerichte opleidingen. Bovendien moeten studenten in alle opleidingen eindcompetenties op het gebied van taal halen. Kris Van den Branden hield een pleidooi voor taalontwikkelend lesgeven en taalgerichte vakdidactiek. Ten slotte vertelde hij hoe een taalbeleidcyclus opgestart kan worden.

 

Kwaliteitseisen toetsen

Piet Van Avermaet, directeur van het Steunpunt Diversiteit en Leren van de UGent, schetste in zijn lezing ‘Taaltests in het hoger onderwijs: waar komt dit vandaan?’ een breed kader bij de ontwikkeling en het gebruik van taaltoetsen en instaptaaltoetsen. Na een inleiding over de veranderde en veranderende instroom in het hoger onderwijs, beklemtoonde hij dat we ons ervan bewust moeten zijn dat leren sociaal-cultureel bepaald is. Hij raadde de deelnemers van de studiedag ook aan om voorzichtig te zijn en taalbeleid en instaptaaltoetsen niet te sterk te etniseren. Piet Van Avermaet ging dieper in op de kwaliteitseisen waaraan toetsen moeten beantwoorden. Hij maakte duidelijk dat het ontwikkelen van taaltoetsen geen sinecure is en dat we ons bewust moeten worden van de impact die toetsen kunnen hebben.

 

Tom Dekeyzer, raadgever hoger onderwijs op het kabinet van Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet, deelde mee dat de beleidslijn van Frank Vandenbroucke wordt voortgezet. Taal krijgt opnieuw een centrale plaats in het beleid van de Vlaamse onderwijsminister. Hij beklemtoonde ook dat het aanmoedigingsfonds voortgezet wordt en dat taalinitiatieven hierin zeker een plaats kunnen hebben.

 

Debat

De voormiddag werd afgerond met een kort debat waarin Tine Van Houtven (Lessius), Guido Cajot (KHLim), Wilma van der Westen (Haagse Hogeschool) en Piet Van Avermaet (UGent) hun visie op taalbeleid gaven. Er kwam vooral naar voren dat het belangrijk is om alle lectoren en docenten te motiveren om taalbewuste lectoren en docenten te worden. In de namiddagsessie volgden de deelnemers twee workshops rond één van de volgende vier thema’s: ‘Ontwikkeling van taalondersteuningsmateriaal’, ‘Taaltesten in het hoger onderwijs: hoe begin je eraan?’, ‘Taalontwikkelend lesgeven’ en ‘Het toegankelijker maken van studiemateriaal.’

 

Tekst: Elke Peters

Foto’s: Zaia El Morabit

 

 

-