|
Ontwikkeling en normering van een diagnostisch instrumentarium voor dyslexie bij jongvolwassenen
Dieter Baeyens, Astrid Geudens, Vera Janssens, Kirsten Schraeyen & Ilse Smits
Onderzoek en praktijkervaringen in binnen- en buitenland wijzen uit dat steeds meer jongeren met dyslexie de stap naar het hoger onderwijs zetten. Een belangrijk knelpunt is dat screeningsinstrumenten voor jongeren in Vlaanderen en Nederland niet beschikbaar of onbetrouwbaar zijn. Deze lacune plaatst zowel het veld, het onderwijs, het onderzoek als het beleid voor cruciale vraagtekens. De centrale doelstelling van dit onderzoeksproject is een wetenschappelijk onderbouwd en genormeerd instrumentarium te ontwikkelen voor diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen.
TESTBATTERIJ VOOR DIAGNOSE VAN DYSLEXIE BIJ 16+
Het eerste initiatief dat uitgewerkt wordt binnen dit onderzoeksproject is de ontwikkeling en normering van een wetenschappelijk onderbouwd en genormeerd instrumentarium voor diagnostiek van dyslexie bij jongvolwassenen. In samenwerking met de Universiteit van Amsterdam en Muiswerk Educatief werd hiervoor de 'Interactieve Dyslexie Test Amsterdam-Antwerpen' (IDAA) ontwikkeld. In 2009 zal de testbatterij met een Vlaamse en Nederlandse normering verschijnen.
De IDAA is een computergestuurd instrument bestaande uit verschillende subtests die zich richten op het basisfenomeen van dyslexie: ernstige lees- en/of spellingproblemen op woordniveau t.o.v. een relatieve normgroep die niet toe te schrijven zijn aan andere problemen. De kerncompetenties lezen en spellen worden gemeten aan de hand van flitstaken waarin woorden en pseudowoorden (zowel Nederlands als Engels) voor korte tijd worden aangeboden. Doel hierbij is in te gaan op een lacune in het huidige testmateriaal en onbewuste, geautomatiseerde processen aan te spreken. Onderzoekers rapporteren namelijk op dit vlak grote verschillen tussen de vaardigheid van dyslectische en niet-dyslectische lezers. In de IDAA staat niet alleen het geautomatiseerd herkennen van de juiste schrijfwijze (orthografie) centraal, maar ook het door middel van natypen kunnen spellen van bestaande woorden en pseudowoorden. De orthografische competentie wordt gemeten in het Nederlands en het Engels. Om het cognitief profiel te kunnen verruimen zijn een “visuele aandachtstaak” (orthografische competentie) en een woordomkeringstest (fonologisch bewustzijn) toegevoegd.
De onderzoeksactiviteiten kaderen binnen het CODE expertisecentrum (voorheen MDCL) van Lessius Antwerpen. Het onderzoek is overkoepelend voor de opleidingen Logopedie en Audiologie en Toegepaste Psychologie en startte in het academiejaar 2006-2007.
Vlaamse testadaptatie en normering van de School Attitude Questionnaire Internet (SAQI)
Kasia Uzieblo, Annemie Bos & Claire Bossaert
De School Attitude Questionnaire Internet (SAQI) is de digitale versie van de Schoolvragenlijst (SVL, Smits & Vorst, 1982, 1990, 2005). Dit instrument meet de motivatie van leerlingen voor schooltaken, de tevredenheid met het schoolse leven en het zelfvertrouwen van leerlingen in eigen bekwaamheden.
In opdracht van de uitgeverij Vorst Mulder loopt sinds 2009 een normeringsonderzoek om de vragenlijst gebruiksklaar te maken voor Vlaanderen, voor de leeftijdsgroep van 9 tot 15 jaar. Een representatieve steekgroep van ongeveer 5000 leerlingen is reeds getest. In het voorjaar 2011 is, in samenwerking met VorstMulder, een workshop gepland over het onderzoeksproject en gebruik van de SAQI in de praktijk.
Vlaamse normering Davis Reading Test (ism Associatie KULeuven)
Ellen D’Haenens, Prof. dr. R. Janssen (KULeuven), F. Loyens (KHLim), Walter Magez, Prof. dr. P. Pauwels, An Peeters (Associatie KULeuven) & Prof. dr. K. Verschueren (KULeuven).
In samenwerking met de Associatie KULeuven wordt onderzoek verricht naar een Vlaamse hernormering van de Davis Reading Test (DRT), binnen de populatie generatiestudenten van de Associatie. De DRT is een test voor begrijpend lezen, en wordt momenteel gebruikt door de Associatie in het kader van een toelatingsonderzoek voor kandidaatstudenten zonder geldig diploma om hoger onderwijs aan te vatten.
Tijdens het academiejaar 2009-2010 werd reeds een steekproef van generatiestudenten uit de 12 hogescholen getest. Hierbij werd via een gestratificeerde steekproef rekening gehouden met de procentuele verdeling van de grootte van opleiding per studiegebied. De afnames aan de KULeuven zijn gepland tijdens het academiejaar 2010-2011. Omwille van praktische redenen werd hier gekozen voor een systematische enkelvoudige toevalssteekproef op de volledige populatie generatiestudenten. Bedoeling is om tevens de predictieve validiteit van de DRT na te gaan, door het verband te onderzoeken met de studie-efficiëntie van de geteste studenten.
Onderzoek naar het gebruik van de WPPSI-III bij allochtone kinderen
Annemie Bos & Walter Magez
In samenwerking met Walter Magez, CLB-medewerkers en studenten (i.k.v. bachelorproef) wordt onderzoek verricht naar het gebruik van de WPPSI-III bij allochtone kinderen. De WPPSI-III-NL is de Nederlandse bewerking van de Wechsler Preschool and Primary Scale of Intelligence-Third Edition (WPPSI-III-UK). Het is een klinisch instrument voor individueel gebruik, waarmee de intelligentie van kinderen in de leeftijd van 2 jaar en 6 maanden tot 7 jaar en 6 maanden wordt bepaald. In navolging van het normeringsproject ‘Vlaanderen’, in samenwerking met het ‘testpracticum’ van de Universiteit Gent, startte huidig onderzoek. Het is de bedoeling is om de continuïteit te verzorgen van de WPPSI-R naar de WPPSI-III in het onderzoek van de cognitieve vaardigheden van allochtone kinderen. Het Catell-Horn-Caroll model (CHC-model) geldt als basis voor een holistische, dynamische en faire benadering van het cognitief functioneren van allochtone kinderen.
Normering van Leerling Leerkracht Relatie Vragenlijst (LLRV)
Ivo Bernaerts, Lies Van Oevelen, Ellen D’haenens & Prof. dr. K. Verschueren
De Leerling Leerkracht Relatie Vragenlijst (LLRV;
H.M.J. Kooman, K. Verschueren & R.C.Piante, 2009) ) is de Nederlandse vertaling van de Student-Teacher Relationship Scale (STRS). Het is een zelfbeoordelingsinstrument waarmee de perceptie van leerkrachten aangaande hun relatie met individuele leerlingen nauwkeurig vastgesteld kan worden. Daarbij geeft de lijst een indicatie van de algemene kwaliteit van de relatie en van specifieke relatiepatronen in termen van nabijheid, conflict en afhankelijkheid. Met de LLRV kunnen leerling-leerkracht relaties worden opgespoord die ondersteuning en interventie behoeven in de onderwijspraktijk.
In samenwerking met Prof. dr. K. Verschueren (KULeuven) is er in Lessius opleiding Toegepaste Psychologie sinds academiejaar 2009-2010 een normeringsonderzoek van de LLRV lopende in de Vlaamse basisscholen. Om dit grootschalig normeringsonderzoek te kunnen verwezenlijken worden studenten Toegepaste Psychologie actief betrokken bij dit project.
Vlaamse normering
Dimensional Assessment of Personality Pathology-Basic Questionnaire (DAPP-BQ)
Veerle Decaluwé
De Dimensional Assessment of Personality Pathology-Basic Questionnaire (DAPP-BQ; van Kampen, D. & de Beurs, E., 2009) is een vragenlijst om het spectrum aan persoonlijkheidsstoornissen in kaart te brengen. De vragenlijst wordt sinds 2009 uitgegeven door Hogrefe. Er zijn tot nu toe alleen normgegevens en gegevens over de betrouwbaarheid en validiteit verzameld bij de Nederlandse populatie. In een aantal studies (KULeuven en VUB) worden momenteel Vlaamse klinische gegevens verzameld. Vlaamse niet-klinische normen zijn echter niet voorhanden. In opdracht van Hogrefe zullen we in huidig project normgegevens verzamelen bij een representatieve steekproef uit een normale populatie van volwassenen. Om dit grootschalig normeringsonderzoek te kunnen verwezenlijken worden studenten Toegepaste Psychologie actief betrokken bij dit project.
Onderzoek naar de validiteit en betrouwbaarheid van de ASK
Ellen Florin & Guido Valkeneers
De
Test voor analytisch en creatief denken
(ASK) is een instrument om het vermogen tot logisch redeneren en creatief denken in kaart te brengen. Het kan voor diverse doeleinden worden ingezet, waaronder beroepskeuze, loopbaanbegeleiding, selectie en in de klinische diagnostiek. De test wordt uitgegeven door Hogrefe en wordt verwacht in het tweede kwartaal van 2011.
Het Psychodiagnostisch Centrum treedt binnen het project op als researchpartner voor het toeleveren van data. Naast data omtrent de ASK, zal ook data worden toegeleverd voor correlationeel onderzoek. Concreet zullen studenten de ASK samen met de CFT 20-R afnemen bij een volwassen proefpersoon. Op basis van deze data zal onderzoek gebeuren naar de betrouwbaarheid en validiteit van de ASK. Ook zal met deze data een aanzet worden gegeven met het normeringsonderzoek.
Normeringsonderzoek BRIEF, de Executieve Functies Gedragsvragenlijst
Ivo Bernaerts &
Veronique Jacobs
Centraal in dit normeringsonderzoek staat BRIEF, de Executieve Functies Gedragsvragenlijst. Met behulp van deze vragenlijst kunnen executieve functies op (beschrijvend) gedragsniveau in kaart gebracht worden. In academiejaar 2009-2010 werd door Lessius in opdracht van Hogrefe een normeringsonderzoek verricht voor Vlaamse kinderen tussen 6 en 12 jaar. In academiejaar 2010- 2011 is een normeringsonderzoek uitgewerkt voor leerlingen tussen 12 en 18 jaar (secundair onderwijs). Naast BRIEF worden in dit onderzoek nog drie andere testen voor normering in de testbatterij opgenomen. Ten eerste is er de aandachts- en concentratietest d2. De d2 is een test waarbij de geteste persoon doelstimuli moet identificeren in aanwezigheid van diverse afleiders. Met deze eenvoudige testopgave worden prestaties op het gebied van de visuele selectieve aandacht, snelheid van informatieverwerking en concentratie nauwkeurig in kaart gebracht. Vervolgens wordt de Complexe Figuur van Rey afgenomen. Deze meet het ruimtelijke inzicht, het structuratievermogen, visueel geheugen en kan indicatie geven van hersenorganiciteit. De scoringsprocedure is volgens Vermoere/ Osterrieth (in Stinissen, 1964). Momenteel zijn er geen recente Vlaamse normen voor deze test op niveau van het secundair onderwijs. Tot slot wordt de Acceptance & Action Questionnaire (AAQ-II) psychometrisch onderzocht in opdracht van Francis De Groot (Psychiatrisch Centrum Broeders Alexianen, Boechout). De vragenlijst meet de mate van experiëntiële vermijding, een ineffectieve strategie om met negatief geëvalueerde innerlijke ervaringen om te gaan.
Het onderzoek verloopt in samenwerking met studenten Toegepaste Psychologie.
Publicatie van de normen van de Brief is voorzien in 2012.
|